
Tjeu: Ik hoor wat… Het komt volgens mij uit de kelder…
Marieke: Vader! Vader! Wat is er gebeurt?! Waarom zit je hier gevangen?
Vader: Marieke, Tjeu, wat fijn om jullie stem te horen. Die Fransen hebben me gevangen gezet omdat ik de moord op ambtenaar Dodé niet heb opgelost. Ze denken dat ik het misschien wel heb gedaan en dat alleen omdat ik de moordenaar nog niet heb gevonden. Als de dader niet snel wordt gevonden moet ik in Maastricht naar de rechtbank.
Marieke: Ooh vader, wat erg! Misschien moet u dan wel naar de gevangenis!
Tjeu: (zachtjes): Op moord staat levenslang…
Vader: Rustig maar. Zo ver komt het vast niet. Het gaat goed met me. Ik krijg te eten en te drinken en mijn poortwachters proberen het op te lossen.
Marieke: Kijk vader! We hebben een beurs gevonden met een S op.
Vader: Die ken ik! Dat is de beurs van boer Segers. Die gaat iedere donderdagavond kaarten op De Krakerhoeve bij boer Jans. Dit bewijst dat hij op de avond van de moord bij Huize de Kraak is geweest en niet bij de ambtenaar.
Tjeu: We hebben ook rattengif gevonden aan de poort van de Kraak.
Vader: Boer Jans vertelde dat ze last hadden van ratten uit de beek. Bovendien had ambtenaar Dodé wonden op zijn lichaam. Hij is dus zeker niet vergiftigd.
Tjeu: Dankjewel vader! We gaan het proberen op te lossen. We halen u hier weer uit!
Verteller: Streep boer Segers door op de lijst en het vergif.
Loop terug in de richting waarvan je gekomen bent. Loop de berg helemaal naar beneden.
Voordat je bij een bruggetje komt sla je rechts af. Aan je linkerkant vind je de oude watermolen, de Krakermolen.


